
GESCHIEDENIS
Thessaloniki is ca. in 315 v.Chr. gesticht door de heerser van dat moment, Kassandros. Hij vernoemde de plaats naar zijn vrouw Thessalonikè, een halfzuster van Alexander de Grote. Haar vader Phillipos II vernoemde haar naar de overwinning die hij in Thessalië had behaald. Omstreeks 50 n. Chr. preekte de apostel Paulus in de stad Thessaloniki. De stad was zeer belangrijk tijdens de hellenistische periode, toen de rijken der diadochen (generaals van het leger van Alexander de Grote) zich uitstrekten tot in India. Later ging het deel uitmaken van het Romeinse Rijk (Galerius had hier zijn residentie), het Byzantijnse Rijk, het rijk van de kruisvaarders van Thessaloniki tijdens de Vierde Kruistocht in 1204 n.Chr., en het Ottomaanse Rijk. Onrustige tijden waren er toen de Goten, de Avaren, de Slaven, de Saracenen en zelfs de Noormannen (1185 n. Chr.) hier waren en de stad veroverden en verwoestten. De verovering van de stad door de Ottomaanse Turken in 1430 n. Chr.zorgde voor een geleidelijke wijziging van de samenstelling van de bevolking van Thessaloniki.
Vanaf 1500 n. Chr. vestigden veel Sefardische Joden zich in de stad, vluchtelingen voor de geloofsvervolgingen in Spanje. Gedurende lange tijd zouden zij zelfs de meerderheid van de bevolking vormen, waardoor Thessaloniki een van de grootste joodse centra in de wereld was. De meeste joden spraken Ladino, een van het Spaans afgeleide taal. In het begin van de twintigste eeuw verschenen er zelfs kranten in het Ladino.
Aan het begin van de 20e eeuw telde de stad ongeveer 160.000 inwoners, waarvan ca. 60.000 joden, 45.000 Turken en 40.000 Grieken. De stad was een heel multiculturele gemeenschap. Mustafa Kemal Atatürk, de grondlegger van het moderne Turkije, is in Thessaloniki geboren. De revolutie der Jonge Turken van 1908 tegen het bewind van de sultan begon ook in deze stad.
Tijdens de Eerste Balkanoorlog, op 26 oktober 1912 (het feest van de beschermheilige van de stad, Agios Dimitrios), werd Thessaloniki door het Griekse leger veroverd. Hoewel ook Bulgarije aanspraak maakte op de stad, zou ze definitief deel gaan uitmaken van Griekenland.
In 1917 woedde een grote brand in de stad, waardoor drie vierde deel van het centrum werd verwoest en vele Ottomaanse bouwwerken verloren gingen. Het centrum is herbouwd naar de plannen van de Franse architect Ernest Hebrard.
Als gevolg van de bevolkingsuitwisseling tussen Turkije en Griekenland veranderde de bevolkingssamenstelling van de stad heel erg. Sinds de uitwisseling (de bevolkingsruil) vormen de Grieken de meerderheid in de stad waar voorheen de Joden en Turken tezamen in de meerderheid waren. Vanaf augustus 1922 toen Griekse troepen zich terugtrokken uit Turkije vestigden zich duizenden Griekse vluchtelingen uit Klein-Azië in Thessaloniki, terwijl de meeste moslims (Turken en Dönmes, tot de islam bekeerde joden) werden gedwongen de stad verlaten. Een pogrom in 1931 dreef daarna de laatste moslims en een groot deel van de joden uit de stad.
Vrijwel alle overgebleven joden werden tijdens de Tweede Wereldoorlog door de nazi's naar concentratiekampen gedeporteerd en vermoord. Er keerde slechts een gering aantal van de overgebleven 40.000 joden terug in de stad. Momenteel wonen er nog zo'n 2000 joden in de stad.
In 1978 richtte een aardbeving aanzienlijke schade aan de stad aan.






